
Met een ‘uitgestoken hand’ presenteren D66, VVD en CDA het coalitieakkoord: naar andere partijen én naar de samenleving. De coalitie spreekt de ambitie uit om samen met het bedrijfsleven en het maatschappelijk middenveld de grote vraagstukken van deze tijd aan te pakken.
De We Doen Het Samen-coalitie is bij met de duidelijke erkenning van de rol van gemeenschappen, verenigingen en vrijwilligers en het belang van zorgzame buurten. Ook omdat die erkenning niet bij woorden blijft. Er wordt gesproken over een gemeenschapsfonds van 200 miljoen euro voor vier jaar. Daarnaast willen de partijen 40 miljoen per jaar uittrekken in de periode 2027–2029 voor versterking van buurtregie, meer sociale cohesie en mantelzorgondersteuning. Het is een financiële stap vooruit. Positief is bovendien de aanpak van regeldruk en aansprakelijkheid. Een duidelijker onderscheid tussen professionele en maatschappelijke organisaties zorgt voor een beperktere aansprakelijkheidsrisico voor vrijwilligers.
Tegelijk missen wij een samenhangende visie op de rol van gemeenschappen in de samenleving. Investeren in buurthuizen, initiatieven en mantelzorg levert maatschappelijke winst op, en loont uiteindelijk financieel. Dat mag echter nooit het uitgangspunt zijn. Het is onmogelijk de miljardenbezuinigingen die worden voorgesteld op zorg en de sociale zekerheid te compenseren met een incidentele financiering van 320 miljoen. Gemeenschapszin is geen doekje voor het bloeden.
Het ontbreken van erkenning van gemeenschappen op andere terreinen, zoals energie en wonen, versterkt onze terughoudendheid. Juist energiegemeenschappen en wooncoöperaties leveren cruciale bijdragen aan betaalbare woningen en een rechtvaardige energietransitie waar de markt steeds vaker faalt. Dat vraagt om meer ruimte, onder meer via aanpassing van de Wet markt en overheid.
Wie veel verwacht van de samenleving, moet ook investeren in samenwerking met die samenleving. De Raad voor Infrastructuur en Leefomgeving constateerde terecht dat de kracht van georganiseerde burgers jarenlang een blinde vlek was. Die blinde vlek blijft in dit akkoord grotendeels bestaan. Echte gemeenschapskracht vraagt om een nieuw evenwicht tussen overheid, markt en gemeenschap — met gemeenschappen als volwaardige en gelijkwaardige partner. Dat betekent ruimte maken én macht delen: alles wat vóór gemeenschappen wordt gedaan, moet mét en dóór gemeenschappen gebeuren.
Daarvoor is een langetermijnvisie nodig met ruimte voor de kracht van gemeenschappen, die mensen zeggenschap en eigenaarschap geven met betrekking tot hun leefomgeving. We kunnen dat meteen al handen en voeten geven bij de uitwerking van het gemeenschapsfonds. Dat fonds versterkt gemeenschappen alleen als:
- de financiering rechtstreeks naar gemeenschappen gaat;
- gemeenschappen zeggenschap hebben over opzet en uitvoering;
- het om extra middelen gaat, niet om verschuiving van bestaande financiering.
De We Doen Het Samen-coalitie neemt de uitgestoken hand graag aan, maar wel met een gelijkwaardige plek aan tafel. Samen gaan we aan de slag om de samenleving echt de ruimte te geven.